Ouders — wat kunt u doen?

„NIETS helpt!” „Hij snapt het gewoon niet!” Aldus de gefrustreerde ouder. Hoe kunt u tot uw leergestoorde kind
doordringen? En wat kunt u doen aan hyperkinesie, als dat zijn probleem is?

Een kind met leermoeilijkheden heeft behoefte aan dat waar ook alle andere kinderen behoefte aan hebben
— dat hij door zijn ouders wordt liefgehad, begrepen en aanvaard. Maar hij heeft misschien meer tijd en aandacht
nodig. Misschien voelt hij dat er „iets niet in orde” is met hem. Hij heeft er behoefte aan steeds opnieuw de
verzekering te krijgen dat hij bij zijn verstand is, en niet achterlijk. Hij heeft alleen meer tijd nodig om te leren
dan anderen.

Op veel plaatsen bestaan bijzondere onderwijsprogramma’s. Er zijn speciale technieken nodig om onderwijs te geven
aan een kind dat niet op een normale manier kan leren. Dikwijls is dat moeilijk voor de ouders; hun gevoelens gaan
een te grote rol spelen. In sommige gebieden zijn er organisaties met het doel de ouders van zulke kinderen te helpen.

Daarbij kunt u als ouder veel doen om de situatie thuis te verbeteren. In de mate waarin u zorgt voor een ordelijke
huiselijke omgeving, waar liefde heerst en streng de hand wordt gehouden aan wat juist is, zal uw kind zich veilig
en gelukkig voelen. Houd tegelijkertijd in gedachte dat het problematische gedrag van uw kind wel eens rechtstreeks
het gevolg kan zijn van zijn leerstoornis; het kan zijn dat hij bezig is zijn frustraties af te reageren. Hier worden
enige suggesties gegeven die ten doel hebben u te helpen de problemen met uw leergestoorde kind aan te pakken, al zult
u ze nog niet kunnen verhelpen.

Als uw kind auditieve waarnemingsproblemen heeft, overtuig u er dan eerst van dat u zijn aandacht hebt als u tegen
hem spreekt. Spreek dan langzaam, en geef niet te veel opdrachten tegelijk. Vraag hem te herhalen wat u gezegd hebt.
Bedenk dat hij u niet altijd „hoort”. Zulke kinderen horen geluiden trouwens dikwijls verkeerd: „O, ik dacht dat je
paard zei”, maar in werkelijkheid was het woord poort. Ook kunt u het eens proberen met het opschrijven van opdrachten,
die u vervolgens in zijn zak stopt. Hij moet dan misschien wel rondlopen met een zak vol opdrachten, maar dan onthoudt
hij tenminste wat hij moet doen!

Het bestraffen van een kind met een leerstoornis, dat misschien ook nog eens hyperactief is, is allesbehalve
gemakkelijk. Markje’s moeder herinnert zich: „Ik besloot dat Markje geen goed van kwaad kon onderscheiden. Ik begon
zijn gedrag te verontschuldigen. Maar aan het eind van dat jaar zat ik met nog grotere problemen, en had hij geen
respect voor me.”

Geef het dus niet op! Een oude bijbelse spreuk zegt: „De roede en terechtwijzing, díe geven wijsheid; maar...
een aan zichzelf overgelaten jongen zal zijn moeder beschaamd maken.” Maar hoe kunt u tot zo’n kind doordringen?

„Als het op gedrag aankomt, probeer ik mijn dochtertje goed genoeg te kennen om onderscheid te kunnen maken tussen
kanniet- en wilniet-reacties”, zegt Sandra, die een dochter met een leerstoornis heeft. „Dan weet ik of ik het probleem
met begrip of met strengheid moet aanpakken.”

Wanneer u dat inzicht toont, zal het kind daaraan merken dat u eerlijk bent en vastberaden opkomt voor wat juist is.
Dat kan een uiterst doeltreffende hulp vormen om tot hem door te dringen.

Hoe staat het met straf? Een langdurige straf, zoals een maand lang geen televisie, schiet gewoonlijk zijn doel voorbij.
Waarom? Omdat hij halverwege de maand niet meer zal weten waarvoor die straf was. Maar hem waarschuwen dat een uitstapje
naar de dierentuin (of iets anders waarop hij zich verheugt) niet doorgaat als hij zich blijft misdragen, is in de regel
doeltreffender. Natuurlijk moet hij weten dat het u ernst is. U moet consequent zijn. Helpt dat echt?

Hier volgt wat de moeder van Markje berichtte: „Telkens als hij zich misdroeg, liet ik hem vier minuten op hetzelfde
afgezonderde plekje zitten. Als hij opdrachten niet binnen een redelijke tijd uitvoerde, als hij anderen speelgoed
afpakte of als hij een driftbui had — hup, naar zijn strafplekje met hem. Dat was uitermate doeltreffend.”

Nog iets anders is heel belangrijk: routine en organisatie. Dat verschaft de geordende structuur die deze kinderen
nodig hebben. Routine en organisatie verminderen de verwarring. Een vaste tijd voor maaltijden, huiswerk, opstaan en
naar bed gaan enzovoort, zal hen helpen goede gewoonten te ontwikkelen. En als u eenmaal een schema hebt vastgesteld
probeer u er dan aan te houden.

Een woord over het emotionele welzijn van uw kind. Zoals in het vorige artikel werd opgemerkt, heeft het
leergestoorde kind dikwijls meer last van frustratie en teleurstelling dan andere kinderen. Wat kunt u daaraan doen?
Kinderen leren veel van voorbeelden. Als uw kind dus ziet dat u om uw eigen fouten kunt lachen, kan dat hem helpen ook
om de zijne te lachen. Hem zijn gevoelens onder woorden laten brengen, kan ook helpen. Als u hem deelgenoot maakt van
uw gevoelens, zal het hem gemakkelijker vallen zijn gevoelens met u te delen.



Bron : "g83-8/9"





Copyright © 2003, Martine Senecaut
Revised: October 1, 2003
URL: http://www.martinesnet.be